Sparen met maandelijkse inleg berekenen
Elke maand een vast bedrag opzijzetten is de meest gebruikte manier om vermogen op te bouwen. Met deze tool bereken je hoeveel je eindkapitaal wordt bij een startbedrag, een vaste maandinleg, een rentepercentage en een looptijd. Je ziet ook precies hoeveel je zelf hebt ingelegd en hoeveel rendement de rente heeft opgeleverd.
De formule
De tool rekent met de toekomstwaarde van een reeks stortingen (annuiteit). Met maandrente i = jaarrente / 12 en n = looptijd in maanden geldt: eindkapitaal = startkapitaal x (1 + i)^n + maandinleg x ((1 + i)^n min 1) / i. Leg je in aan het begin van de maand in plaats van aan het einde, dan rendeert elke inleg een maand extra en wordt het inlegdeel vermenigvuldigd met (1 + i). Elke storting profiteert zo van samengestelde rente over de resterende looptijd: je eerste inleg rendeert het langst.
Welke rente vul je in?
Gebruik een realistisch percentage. In juli 2026 gaven grootbanken op vrij opneembare spaarrekeningen circa 1,25 tot 1,40%, de hoogste reguliere aanbieders circa 2,10 tot 2,30% en deposito's tot circa 3,45 a 3,65% (maar daar kun je meestal niet maandelijks bijstorten). Voor breed gespreid beleggen wordt vaak met 4 tot 7% gemiddeld per jaar gerekend, met het risico van tussentijdse dalingen. De tool gaat uit van een constante rente over de hele looptijd; in werkelijkheid beweegt de spaarrente mee met de ECB-rente (2,25% in juli 2026).
Bruto, inflatie en box 3
Het berekende eindkapitaal is nominaal en bruto. Bij een inflatie rond het CBS-gemiddelde van 3,3% (2025) is de koopkracht van je eindbedrag lager dan het getal suggereert. Komt je totale vermogen boven het heffingsvrije vermogen van box 3 (59.357 euro per persoon in 2026, 118.714 euro met fiscale partner), dan betaal je bovendien 36% belasting over een forfaitair rendement (voorlopig 1,28% op banktegoeden). Wil je op een concreet doelbedrag uitkomen, gebruik dan ook de spaardoel-tool om te zien hoelang je daarover doet.
Rekenvoorbeeld
Je start met 0 euro en legt 15 jaar lang elke maand 200 euro in aan het einde van de maand, tegen 2% rente per jaar.
Stap 1, maandrente en aantal maanden: i = 0,02 / 12 = 0,0016667 en n = 15 x 12 = 180 maanden.
Stap 2, groeifactor: (1 + 0,0016667)^180 = 1,3495.
Stap 3, eindkapitaal: 200 x (1,3495 min 1) / 0,0016667 = 200 x 209,71 = 41.942 euro.
Stap 4, inleg en rendement: je hebt zelf 180 x 200 = 36.000 euro ingelegd, dus de rente leverde ongeveer 5.942 euro op.
Leg je hetzelfde bedrag aan het begin van elke maand in, dan rendeert elke storting een maand extra: 41.942 x (1 + 0,0016667) = ongeveer 42.012 euro, zo'n 70 euro meer.
Tips
- Automatiseer je inleg direct na salarisdatum; inleggen aan het begin van de maand levert bovendien iets meer rente op dan aan het einde.
- Vergelijk aanbieders: het verschil tussen 1,3% (grootbank) en 2,2% (betere aanbieder, juli 2026) scheelt bij 200 euro per maand over 15 jaar honderden euro's rendement.
- Reken naast het bruto eindbedrag ook een koopkrachtscenario door via de inflatie-tool; bij 3% inflatie is 41.942 euro over 15 jaar in koopkracht ongeveer 26.900 euro van nu.
- Houd de box 3-grens in de gaten: boven 59.357 euro vermogen per persoon (peildatum 1 januari 2026) betaal je vermogensbelasting over een forfaitair rendement.
- Bouw eerst een buffer op een vrij opneembare rekening op voordat je kiest voor deposito's of beleggen; het Nibud adviseert een buffer afgestemd op je huishouden.
- Verhoog je maandinleg jaarlijks mee met je loonsverhoging of de inflatie; zo blijft je spaardoel ook in koopkracht haalbaar.
Veelgestelde vragen
Hoeveel spaar ik bij elkaar met 200 euro per maand?
Tegen 2% rente per jaar heb je na 10 jaar ongeveer 26.550 euro, na 15 jaar ongeveer 41.942 euro en na 20 jaar ongeveer 58.960 euro. Zonder rente zou dat respectievelijk 24.000, 36.000 en 48.000 euro zijn; het verschil is het rente-op-rente-effect.
Wat is een realistische spaarrente in 2026?
In juli 2026 boden grootbanken circa 1,25 tot 1,40% op vrij opneembaar spaargeld en de hoogste reguliere aanbieders circa 2,10 tot 2,30%. Voor een voorzichtige langetermijnberekening is 1,5 tot 2% een redelijk uitgangspunt.
Maakt het uit of ik aan het begin of einde van de maand inleg?
Ja, iets. Bij inleg aan het begin van de maand rendeert elke storting een maand extra; het hele inlegdeel wordt dan met een factor (1 + maandrente) verhoogd. Bij 200 euro per maand, 2% en 15 jaar scheelt het ongeveer 70 euro.
Is het eindbedrag netto?
Nee, de uitkomst is bruto en nominaal. Boven het heffingsvrije vermogen van 59.357 euro per persoon betaal je in 2026 box 3-belasting (36% over een forfaitair rendement van voorlopig 1,28% op spaargeld), en inflatie vermindert de koopkracht van het eindbedrag.
Kan ik hiermee ook beleggen doorrekenen?
Ja, vul dan een verwacht gemiddeld rendement in, bijvoorbeeld 4 tot 7% per jaar voor breed gespreide indexfondsen. Bedenk wel dat beleggingsrendementen schommelen en niet gegarandeerd zijn; de tool rekent met een constant percentage.
Hoeveel moet ik per maand sparen voor 50.000 euro?
Dat hangt af van looptijd en rente. Tegen 2% rente heb je met circa 238 euro per maand na 15 jaar 50.000 euro, en met circa 377 euro per maand al na 10 jaar. Gebruik de tool om je eigen combinatie van inleg en looptijd te vinden.
Bronnen
- Actuele rentestanden: vrij opneembare spaarrente
- Raisin: spaarrente overzicht
- Belastingdienst: berekening box 3-inkomen 2026
Cijfers gecontroleerd in juli 2026 aan de hand van officiële bronnen. Aan de uitkomsten kunnen geen rechten worden ontleend.