Vermogensbelasting box 3

Vul je spaargeld, beleggingen en schulden in (peildatum 1 januari 2026). Je ziet indicatief je grondslag en box 3-belasting.

Invoer
Resultaat
belastbare grondslag
belasting per jaar
Forfaits 2026: banktegoeden 1,28% (voorlopig), beleggingen 6,00%, schulden 2,70% aftrek. Heffingsvrij vermogen € 59.357 p.p., tarief 36%. Is je werkelijke rendement lager, dan geldt de tegenbewijsregeling.
Hoe wordt dit berekend?

Box 3 rekent in 2026 met aparte forfaits per vermogenscategorie: 1,28% over banktegoeden (voorlopig percentage), 6,00% over beleggingen en andere bezittingen, en 2,70% aftrek over schulden boven de drempel van € 3.800 per persoon. De grondslag sparen en beleggen is je rendementsgrondslag min het heffingsvrij vermogen van € 59.357 per persoon (€ 118.714 met fiscale partner). Het belastbare rendement wordt naar rato van die grondslag berekend en belast tegen 36%. Is je werkelijke rendement lager dan het forfaitaire, dan kun je via de tegenbewijsregeling het werkelijke rendement laten belasten. Doe de exacte berekening op belastingdienst.nl. Bron: belastingdienst.nl.

Vermogensbelasting box 3 berekenen 2026

Over vermogen boven het heffingsvrije vermogen betaal je in Nederland belasting in box 3. Met deze tool maak je snel een indicatieve berekening van je vermogensbelasting 2026. Je vult je vermogen, het forfaitaire rendement en het tarief in; de tool berekent dan de grondslag, het forfaitaire rendement en de verschuldigde belasting.

De cijfers van 2026

Het heffingsvrije vermogen is in 2026 59.357 euro per persoon (118.714 euro met fiscale partner). Het tarief is 36%. De Belastingdienst rekent niet met je werkelijke rendement maar met forfaitaire percentages per vermogenscategorie: 1,28% voor banktegoeden (voorlopig cijfer, definitief begin 2027), 6,00% voor beleggingen en andere bezittingen (staat vast) en 2,70% aftrek voor schulden (voorlopig), voor zover die boven de schuldendrempel van 3.800 euro per persoon uitkomen. Groene beleggingen zijn tot 26.715 euro per persoon vrijgesteld. De peildatum is 1 januari 2026: alleen je vermogen op die datum telt.

Zo rekent de Belastingdienst

Stap 1: belastbaar rendement = 1,28% x banktegoeden + 6,00% x beleggingen min 2,70% x (schulden boven de drempel). Stap 2: rendementsgrondslag = bezittingen min schulden. Stap 3: grondslag sparen en beleggen = rendementsgrondslag min heffingsvrij vermogen. Stap 4: box 3-inkomen = belastbaar rendement x (grondslag / rendementsgrondslag). Stap 5: belasting = 36% x box 3-inkomen. Deze tool gebruikt een vereenvoudigde variant met een forfait: pas het forfaitveld aan naar 1,28 voor spaargeld of 6,00 voor beleggingen, en zet de vrijstelling op 59.357 euro voor belastingjaar 2026. Heb je een mix van spaargeld en beleggingen, volg dan de vijf officiele stappen.

Tegenbewijsregeling en toekomst

Is je werkelijke rendement (rente, dividend, huur en waardeontwikkeling) lager dan het forfait, dan kun je via de tegenbewijsregeling met het formulier Opgaaf Werkelijk Rendement in de aangifte het werkelijke rendement laten belasten. Dit geldt ook voor 2026. Het wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3 is in februari 2026 door de Tweede Kamer aangenomen met beoogde ingangsdatum 1 januari 2028, maar de behandeling in de Eerste Kamer is vertraagd; 2026 en 2027 blijven in elk geval forfaitair met tegenbewijs.

Rekenvoorbeeld

Anna is alleenstaand en heeft op 1 januari 2026 100.000 euro spaargeld en geen schulden of beleggingen.

Stap 1, belastbaar rendement: 1,28% x 100.000 = 1.280 euro.

Stap 2, rendementsgrondslag: 100.000 euro (geen schulden).

Stap 3, grondslag sparen en beleggen: 100.000 min 59.357 (heffingsvrij vermogen) = 40.643 euro.

Stap 4, box 3-inkomen: 1.280 x (40.643 / 100.000) = 1.280 x 0,40643 = 520,23 euro.

Stap 5, belasting: 36% x 520,23 = 187,28 euro, afgerond 187 euro.

Zou Anna dezelfde 100.000 euro in beleggingen hebben, dan geldt het forfait van 6,00%: box 3-inkomen 6.000 x 0,40643 = 2.438,58 euro en belasting 36% x 2.438,58 = 877,89 euro, bijna vijf keer zo veel. In de tool vul je hiervoor forfait 1,28 respectievelijk 6,00 in, met vrijstelling 59.357 euro.

Tips

Veelgestelde vragen

Hoeveel vermogen is belastingvrij in 2026?

Het heffingsvrije vermogen is in 2026 59.357 euro per persoon. Fiscale partners hebben samen 118.714 euro. Pas boven dat bedrag betaal je box 3-belasting over een forfaitair rendement.

Hoeveel belasting betaal ik over 100.000 euro spaargeld in 2026?

Als alleenstaande ongeveer 187 euro: het forfait van 1,28% over 100.000 euro geeft 1.280 euro rendement, waarvan het deel boven de vrijstelling (40.643 / 100.000) wordt belast tegen 36%. Met fiscaal partner blijft 100.000 euro spaargeld onder de gezamenlijke vrijstelling en betaal je niets.

Wat zijn de forfaitaire rendementen in box 3 voor 2026?

Banktegoeden 1,28% (voorlopig, definitief begin 2027), beleggingen en andere bezittingen 6,00% (definitief) en schulden 2,70% aftrek (voorlopig). Het tarief over het berekende box 3-inkomen is 36%.

Wat is de peildatum voor box 3 in 2026?

1 januari 2026. De Belastingdienst kijkt alleen naar je bezittingen en schulden op die ene datum; wat je vermogen in de rest van het jaar doet, is voor belastingjaar 2026 niet relevant.

Wat als mijn werkelijke rendement lager is dan het forfait?

Dan kun je de tegenbewijsregeling gebruiken: via het formulier Opgaaf Werkelijk Rendement in de aangifte wordt je werkelijke rendement (rente, dividend, huur en waardeontwikkeling) belast in plaats van het forfait. De voorlopige aanslag 2026 rekent nog met forfaits; de correctie volgt via de aangifte.

Wanneer wordt het werkelijke rendement belast in box 3?

De Wet werkelijk rendement box 3 is op 12 februari 2026 door de Tweede Kamer aangenomen met beoogde ingangsdatum 1 januari 2028, maar ligt nog bij de Eerste Kamer en de behandeling is vertraagd. Voor 2026 en 2027 geldt in elk geval nog het forfaitaire stelsel met tegenbewijsregeling.

Bronnen

Cijfers gecontroleerd in juli 2026 aan de hand van officiële bronnen. Aan de uitkomsten kunnen geen rechten worden ontleend.

Gerelateerde tools